Lieve mensen,
Na drie weken van iedere week een hoger beroep bevinden we ons deze week in het oog van de orkaan. Volgende week, op 24, 25 en 26 maart zijn er weer zittingen.
Eerst nog even over de afgelopen week. Dankzij Pinch of Soot en Potkaars is de inhoudelijke behandeling van het hoger beroep in de zaak OM vs. Engel goed vastgelegd. Het was een van de ‘leukste’ zittingen. Wederom een lange dag waar vragen over en weer gingen. De olifant in de kamer bleef echter pontificaal staan, het OM negeerde alle bewijzen van bewijsvervalsing.
Volgnummers die niet aansluiten in de politieverslagen laten een beeld zien van verduistering: bepaalde volgnummers werden overschreven door andere, waarmee een deel van het dossier onzichtbaar werd.
Inmiddels heb ik deze volgnummeranalyse ook gedaan bij de zaak waarvoor ik vorig jaar weliswaar ben vrijgesproken, maar waartegen het OM eveneens in hoger beroep is gegaan, terwijl ook hier het zogenaamde doel was dat een rechter de grenzen van het strafbare zou aangeven en onderbouwen. Net als in de Rotterdam-zaak hebben ook hier drie rechters de zaak behandeld. Dat geeft te denken over het systeem in Nederland. Door middel van bewijsvervalsing en de inzet van bijzondere opsporingsbevoegdheden waarvoor geen rechterlijke toestemming was, maar toch plaatsvond, kan het OM met dezelfde vergaarbak, theoretisch gezien, oneindig aanklachten blijven fabriceren en daarmee een soort overtreffende trap van ‘double jeopardy’ plegen.
De vijf delen van de zitting staan inmiddels op videowaarheid en zijn te vinden in het video-overzicht.
Dan vooruitkijkend naar 24 maart, de volgende rechtszaak op de agenda: deze zaak dient bij de Raad van State en betreft de afwijzing van mijn VOG-aanvraag. In eerste aanleg kreeg Justis (de instantie die de VOG afgeeft) nog het voordeel van de twijfel, terwijl al duidelijk was dat toenmalig minister Weerwind de rechtbank had gevraagd om bewijsstukken geheim te houden. Dit verzoek maakte duidelijk dat het OM de aanklacht aangaande zaak van 10 oktober 2020 had gedeeld met Justis om meer onderbouwing te geven voor de afwijzing. De rechtbank wees dit verzoek echter af.
Daarmee kwam de ministeriële inmenging vast te staan, maar belangrijker nog, werd de VOG afgewezen op 23 maart 2022……de dag van de samenzwering waarop vier rechtsinstanties vier verschillende zaken opruimden, zodat ik in de Den Haag-zaak veroordeeld kon worden. Dat liep anders weten we inmiddels, maar het OM liet zich hiermee in de kaart kijken. Door zo grondig de hordes op te willen ruimen, gingen de sluiers af.
Op de 24ste zijn de rollen dus flink omgedraaid, de twee ‘strafbare feiten’ op mijn justitiële documentatie zijn inmiddels geseponeerd (Hilversum), en ik ben vrijgesproken (Den Haag). Daarmee valt elke grond weg om de VOG te weigeren. Het wordt vooral een zitting waar ik het beginsel van détournement de pouvoir zal aankaarten. Het is namelijk misbruik van bevoegdheden wanneer een middel wordt ingezet om een oneigenlijk of, zoals in dit geval, een onrechtmatig doel na te streven.
Door een inzage bij de belastingdienst aangaande de afwijzing van onze ANBI-status (Algemeen Nut Beoogde Instelling) kwam naar boven wat wij al vermoeden: de VOG was alleen een middel om de ANBI te kunnen afwijzen. In de e-mails tussen belastingambtenaren wordt openlijk bediscussieerd om ook van alle bestuursleden en de rvt een VOG te verlangen, of dan toch in ieder geval van Jeroen Pols, want die is 20 jaar geleden een keer veroordeeld. Uiteindelijk wordt besloten dat het volstaat om alleen van mij een VOG te verlangen, want tegen mij loopt nog een actieve strafzaak (die inmiddels vrijspraak opleverde). Het doel van het vragen om een VOG was dus om de ANBI-status te kunnen afwijzen.
Dit ligt in het verlengde van de ING-zaak. Want nu de VOG afgegeven moet worden, is het ontbreken van de bankrekening de reden van de afwijzing van de ANBI-status.
Dit laat vooral het gevaar van het één-overheidsmechanisme zien. Het RIEC en LIEC waren de voorboden van een totalitaire staat waar elke kritiek onmogelijk wordt gemaakt. Niet door bruut geweld, gevangenschap of marteling, maar door honderden ambtenaren die bewust, maar ook veelal onbewust, hun stukje doen in het te grazen nemen van de oppositie. Het kwaad is zo effectief omdat het zo banaal is, zo alledaags, zo geaccepteerd.
De VOG-zaak zal door ons gewonnen worden, daar kan zelfs de Raad van State niet meer omheen, maar het echte doel is al bereikt. Toch moeten we elke overwinning vieren, al is het maar omdat de trucs van de deepstate steeds minder werken en de rechtspraak zelf beduidend minder ongenaakbaar blijkt.
Op 25 maart heeft Tom Zwitser een hoger beroep tegen de NCTV.
Deze zaak heeft onze grote interesse. In eerste aanleg kwam er een bizar vonnis dat zoveel inhield dat de NCTV ook recht heeft op vrijheid van meningsuiting, wat natuurlijk een totale verkrachting is van een grondrecht. Grondrechten bestaan om de burger te beschermen tegen de almacht van de staat, niet om de staat carte blanche te geven om onwelgevallige stichtingen aan te wijzen als doorgeefluiken van terroristische organisaties, niet omdat de feiten dit aantonen maar puur uit laster.
Op 26 maart wordt het vonnis uitgesproken van het hoger beroep van 12 maart. Volgens de feiten kan er maar één uitkomst zijn: niet-ontvankelijkheid van het OM. Toch zijn er de laatste jaren meerdere bizarre en niet uit te leggen vonnissen gewezen. Maar zelfs bij een veroordeling zie ik toch nog een unieke mogelijkheid. Omdat vaststaat dat er bewijs werd achter gehouden en het hof hier volledig van op de hoogte is, kunnen we direct naar een herzieningsverzoek, naast een eventuele cassatie. Beide verlengen de 'walk of shame' van het OM.
Kortom, geniet nog even van de komende weken, want daarna gaan we weer terug naar één voorstelling per maand. In april is het weer tijd voor Fort Oranje en mei is de Raad van State wederom het toneel. Dit keer om de demonstratieverboden van 21 en 28 juni 2020 te behandelen.
Blijf in liefde en geniet van het komende spektakel.